Categorieën
Zelfzorg

Tussen angst en leven – Mariëlle Van Heugten

Tussen angst en leven

Wat er nu gebeurt in ons land, in de wereld, in ons leven, raakt ons allemaal op diverse lagen: mentaal, emotioneel, fysiek en spiritueel.

We hebben uiteenlopende gedachten en overtuigingen met betrekking tot deze situatie.
We voelen onzekerheid, angst, irritatie, frustratie, verdriet, boosheid, machteloosheid, wanhoop.
We lopen vast, raken verkrampt, reageren ons af op de ander of we schieten in de actie.
We worden uitgedaagd op het gebied van zingeving, door verander(en)de omstandigheden, door verlies van werk, door gebrek aan sociale contacten, door de diverse maatregelen en door confrontatie met thema’s als ziekte en gezondheid, leven en dood.

Oude pijn

En we worden geraakt.

Er worden gevoelens en ervaringen in ons getriggerd, ook ervaringen die diep weggestopt waren.

We dragen allemaal pijn met ons mee, bewust dan wel onbewust. Oude angsten en oud verdriet.

Ons bewustzijn is zodanig ingericht, dat we pijnlijke ervaringen kunnen ‘parkeren’ als die teveel of te overweldigend zijn.

De diepst verborgen pijn stamt uit onze vroege kindertijd, toen we nog klein, kwetsbaar, hulpeloos en machteloos waren. Ook kunnen we angsten en pijn overgenomen hebben van onze (voor)ouders.

Ondanks de goede intenties van onze verzorgers en andere mensen om ons heen hebben we bepaalde dingen als pijnlijk of zelfs traumatisch ervaren. En ook al was de bedoeling misschien goed, dat maakt de ervaring niet minder pijnlijk. Ook maakt het de gebeurtenis niet ongedaan.

De meest ingrijpende of overweldigende ervaringen verdringen we. Dat is een slimme strategie van onze psyche, zodat we kunnen blijven doorgaan met ons leven.

Daartoe hebben we diverse manieren ter beschikking, die we ‘overlevingsstrategieën’ of copingmechanismen noemen.

Dit zijn gedragspatronen zoals ontkennen, negeren, rationaliseren, bagatelliseren, pleasen, afreageren, perfectionisme, redden etc. Deze gedragingen hebben in tijden dat het nodig was een belangrijke functie gehad. Ze hebben gezorgd dat we konden doorgaan ondanks pijnlijke gevoelens of ervaringen. Daarom hebben we ze geautomatiseerd.

En als iets eenmaal geautomatiseerd is, dan staan we er niet meer bij stil. Dan denken we er niet meer over na of het nog wel zinvol is wat we doen; we beseffen vaak niet eens meer dát we het doen! Pas als we vastlopen in deze gedragingen, omdat ze niet meer werken of juist averechts werken, gaan we stilstaan bij wat er met ons aan de hand is.

Karrensporen

Het herkennen, erkennen en veranderen van gedrag vraagt aandacht en energie.

Ik vergelijk gedragspatronen altijd met karrensporen. Als je altijd dezelfde route neemt, omdat deze voor je werkt om iets te bereiken, ontstaat er een spoor. Hoe vaker je dit spoor gebruikt, hoe dieper het wordt. Maar als deze route niet meer leidt tot wat jij wil, is het belangrijk om te bepalen wat je wél wil. Het heeft weinig zin om je te blijven richten op wat je niet meer wil, of om te proberen dat spoor te verwijderen.

Wat wél zinvol is, is het creëren van een nieuw spoor, naar datgene wat je wél wil. Door nieuwe keuzes te maken die daarop gericht zijn. En deze in praktijk te brengen. Dat voelt eerst onwennig, ongemakkelijk, moeilijk of zwaar. Je komt hobbels, gaten en drempels tegen. Maar hoe meer je het nieuwe spoor gebruikt, hoe effectiever het wordt. En het oude spoor wordt niet verder ingesleten. Dat verliest zijn functie. Het blijft een oude herinnering.

Daarnaast is het waardevol om te achterhalen wat de functie is van jouw geautomatiseerde gedragspatronen. Waar is dit gedrag ontstaan? Waar dient of diende het toe? Wat heeft het je gebracht? Wat levert het jou nu nog op? En wat kost het jou?

Door te achterhalen waar je gedrag vandaan komt en het in perspectief te zien, kun je nieuwe keuzes maken.
Dit achterhalen van de functie van ons gedrag vergt tevens moed, omdat we daarbij ook de onderliggende pijn gaan ontmoeten.

Vooral autoriteiten kunnen ons triggeren, omdat we in de tijd dat we klein en kwetsbaar waren geleerd hebben om te luisteren naar grote mensen: pappa, mamma, de leraar, oom, tante, de pastoor, de politie…

Als je een conflict hebt met je werkgever, kan dit een angst van vroeger oproepen, van een situatie met b.v. je vader of een leraar. En als kind zijnde had je weinig keuze, maar nu je volwassen bent, heb je veel meer mogelijkheden. Je werkgever is niet je vader of je leraar.

Soms zit er echter zo’n diepe angst dat je volledig kunt verlammen of blokkeren. Dan zit je weer even in dat oude gevoel.

Angst

Angst is in principe zinvol. Angst ontstaat als er een gevaarlijke, bedreigende of onveilige situatie is. Angst heeft als functie om jou in leven te houden. In een potentieel onveilige situatie zorgt angst ervoor dat je jezelf in veiligheid brengt. Dat kan door te vechten, te vluchten of te bevriezen.

Op dat moment denk je daar niet over na. Dit gebeurt vanuit je amygdala, een soort ‘sensor’ in je brein. Er ontstaan in je lichaam dan allerlei reactiepatronen zonder dat jouw bewuste denken zich hiermee bemoeit; je denken doet niet eens mee op dat moment. Als jij in je auto zit op de snelweg en je rijdt plotseling op een file in, dan staat jouw voet al op de rem voordat je kunt bedenken wat je het beste zou kunnen doen. Op zo’n moment is angst dus een zinvol instrument.

Maar angst kan ook een averechtse werking hebben. Als jij thuis op de bank zit en je denkt na over een mogelijke aanrijding, kan jouw lichaam daarop reageren alsof het daadwerkelijk gebeurt. Op dat moment is dat niet zinvol, want jouw lichaam bereidt zich voor op iets wat dan feitelijk helemaal niet kan gebeuren. De angst is dan dus niet realistisch.

Toch kan onrealistische angst je ook verlammen en zorgen dat je niet meer helder kunt denken.

Onder die onrealistische angst zitten namelijk oude angsten, die ooit wél realistisch zijn geweest, maar die diep zijn weggestopt. En omdat deze oude angst niet meer toegankelijk is, worden er nieuwe angst-objecten gecreëerd, zodat jouw angst toch een uitweg vindt. De ‘vervangende’ angst is gericht op zaken in het hier en nu, zoals spinnen, muizen, mensen, ziekte of besmetting.

Toen en nu

De huidige tijd, met het nieuws over besmettingen, de opgelegde maatregelen en de spanningen tussen mensen onderling, kan veel angst oproepen en oude pijn naar boven halen. Het kan zijn dat je heel bang bent om ziek te worden. Of misschien ben je wel bang om te sterven.

Als jij in jouw leven veel verlieservaringen hebt gehad, kan het zijn dat je nu heel bang bent om mensen te verliezen, of om je baan kwijt te raken. Als jij in jouw leven te maken hebt gehad met onrechtvaardigheid, onduidelijkheid of vrijheidsbeperking, kan het zijn dat je veel last hebt van de huidige maatregelen. En als je in jouw leven vaak ruzies of interpersoonlijke spanningen hebt ervaren, kun je daardoor gevoeliger zijn geworden voor hoe mensen op elkaar reageren.

Door wat je vroeger hebt meegemaakt ontwikkel je een extra gevoeligheid voor bepaalde situaties of thema’s. Hierdoor zul je het snel herkennen als zich iets voordoet dat lijkt op die oude situatie. Dit kan een valkuil voor je zijn. Maar in iedere valkuil zit een kwaliteit. Het is de kunst om gebruik te maken van de kwaliteit, zonder in de valkuil te stappen; zonder de lading van vroeger je actie te laten overschaduwen. Het is belangrijk om in het hier en nu te bepalen wat jouw mogelijkheden zijn, hoe jij deze wil aangrijpen en wie jou daarbij kan helpen.

Wat je zelf kunt doen is heel bewust stilstaan bij je eigen gevoelens, gedachten en neigingen.

Je kunt jezelf vragen stellen als:

  • wat voel ik nu?
  • waar ken ik dit gevoel van?
  • wat wordt er in mij geraakt?
  • is er iets in deze situatie wat ik herken van eerder in mijn leven?
  • welke gedachten heb ik hierover, wat vind ik hiervan?
  • wat merk ik in mijn lichaam?
  • wat is mijn neiging?

Jij bent iemand

Het is belangrijk om te beseffen dat je niet BENT wat je denkt, voelt, of doet.

Je bent veel meer dan dat!

Je bent iemand én je denkt.

Je bent iemand én je voelt.

Je bent iemand én je doet.

Dat wat je denkt ben je niet, je bent én je HEBT gedachten.

Dat wat je voelt ben je niet, je bent én je HEBT gevoelens.

Dat wat je doet ben je niet, je bent én je doet.

Je BENT niet boos, je bent iemand en je voelt boosheid.

Je BENT niet bang, je bent iemand en je voelt angst.

Alles wat je kunt waarnemen, BEN je niet.

Jij bent namelijk degene die alles waarneemt.

Jij bent degene, die door die ogen kijkt.

Jij bent degene, die door die oren luistert.

Jij bent degene, die door die neus ruikt.

Jij bent degene, die door die mond proeft.

Jij bent degene, die door die huid voelt.

Jij bent degene, die dat lichaam bewoont.

Jij bent degene, die verbonden is met dat kloppende hart in jouw lichaam.

Dat ben jij.

Help jezelf

Benader jezelf met compassie: alles wat je doet heeft een reden (gehad).

Het is de kunst om deze reden te ontdekken en opnieuw te kunnen kiezen, in het hier en nu.

Onderzoek en verhelder je onderliggende patronen, zodat je deze beter kunt herkennen en andere keuzes kunt maken.

Maak gebruik van je helderheid en je kwaliteiten en herken je valkuilen.

Heb aandacht voor de oude pijn in jou: wat wil er in jou erkend, gevoeld en geheeld worden?

Door te achterhalen wat je werkelijke angst is, kun je deze in perspectief plaatsen en overwinnen.

Je kunt gaan ervaren dat de gevoelens die als kind ondraaglijk voor je waren, als volwassene wél te dragen zijn.

Vaak gaat dit ook gepaard met een rouwproces, om datgene wat jou is overkomen in je jonge leven en dat wat jij het moeten missen.

Bij een dergelijk proces kun je hulp inroepen van een professional.

Iemand die jou kan helpen jouw blinde vlekken te verhelderen.

Want niemand kan zijn eigen blinde vlekken zien.

Daar hebben we hulp bij nodig van iemand die meekijkt.

Kijk welke hulpbronnen jij hebt in jouw omgeving.

Zijn er mensen om je heen met wie je kunt praten?

Zijn er mensen met wie je je graag zou willen verbinden?

Heb je een huisdier waar je je mee bezig kunt houden?

Het observeren van het gedrag van dieren kan heel rustgevend zijn.

Of heb je mooie planten en bloemen in huis die je kunt verzorgen?

Heb je nog oude foto’s die jou weer even terugbrengen naar mooie momenten?

Of kun je mooie momenten in je herinnering terughalen?

Waar geniet jij van?

Waar kun jij om lachen?

Waar word jij blij van?

Wat maakt jouw leven waardevol?

Ik gun jou een sprankelend leven.

Jij ook?

Mariëlle Van Heugten

Psycholoog

Traumatherapeut

Energetisch werker

Categorieën
Zelfzorg

Meditatie – Gerjan van de Kamp

Gerjan van de Kamp verzorgd de momenten van meditatie. Neem even de tijd voor jezelf en komt tot je innerlijke stilte.

Deze meditaties duurt ongeveer 20 minuten per keer.
De eerste meditatie heet Antar Mauna

[includeme file=”all/deel/cms/001/profiel-02-gegevens-02.php”]

Categorieën
Zelfzorg

Monique van Soest – Ervaringswerker

Even voorstellen

Monique van Soest

Hallo, ik heet Monique. Ik ben 52 jaar en ik heb me aangemeld bij de Vrije GGZ als ervaringswerker.

In de periode van 2007 tot en met 2014 heb ik zes psychoses doorleefd. Mijn langste opname is drie weken geweest. De laatste psychose bracht ik thuis door. Dat duurde enkele dagen.

Ik heb intuïtief gekozen voor een weg zonder antipsychotica.

Over dat verhaal, over wat mij wel en niet geholpen heeft wil ik het gaan hebben. Ook kan ik vertellen hoe het is om in psychose te zijn en over de verschillende fases die naar een psychose toe leiden. Ik hoop dat dit gaat leiden tot meer begrip voor mensen die in psychose zijn.

Tot ziens,

Monique

Binnenkort zal Monique een webinar geven aan zorgprofessionals over het omgaan met psychoses.

Categorieën
Zelfzorg

Hester Appelman – Trauma en stress door het coronabeleid

Trauma en stress door het corona beleid

Veel mensen hebben last van gevoelens van boosheid, angst en machteloosheid als gevolg van de maatregelen rondom het corona beleid. Dat dit heel normaal is, hoe dit komt en wat je er mee kan doen leg ik je uit in deze blog.

Mijn naam is Hester Appelman. Ik ben een Holistisch psycholoog en gespecialiseerd in het begeleiden van mensen met chronische stress en trauma, waarbij ik mijn cliënten vooral help om hoofd en lichaam met elkaar te laten samenwerken. Wat ik je zo ga vertellen kan je inzichten geven, maar ook emoties oproepen. Ik vraag je dan ook om de tijd te nemen om deze blog op jouw tempo te lezen en waar nodig even een pauze te nemen en te noteren wat je voelt gebeuren in jouw lichaam.

Wat is stress?

Stress is de hoeveelheid energie die jouw lichaam produceert in reactie op de door jouw zenuwstelsel gesignaleerde uitdaging in jouw omgeving. Stress is dus 100% positief en helpt je te leven én overleven.

Op welke manieren kan stress je helpen overleven?

Hieronder geef ik je a.d.h.v. de Stressmeter een uitleg over hoe het zenuwstelsel werkt. Je kan hier rechts jouw eigen exemplaar aanvragen en downloaden.

In de linker verticale balk zie je ENERGIENIVEAU staan, dit staat gelijk aan de hoeveelheid stress die je lichaam produceert. In de onderste horizontale balk staat TIJD. Samen laten ze het verloop van energie, oftewel stress, zien over de tijd. Dit is een ideale situatie, waarin stress toeneemt en daarna weer, zoals het hoort, afneemt.

Stressmeter

Transformatie

In de onderste paarse laag zie je transformatie staan. Hier is het stressniveau van je lichaam heel laag. Als je je hier bevindt, is het meestal ‘s nachts en ben je diep in dromenland de informatie en emoties van de voorgaande dag aan het verwerken. Het wordt ook wel de REM slaap genoemd, die ook wel kan worden geactiveerd tijdens een hele diepe meditatie of hypnose.

Rust en Herstel

Wanneer je lichaam iets meer energie produceert, maar je nog steeds slaapt, werkt je lichaam m.n. aan het herstel van je cellen en weefsels, het verteren van je voeding en het afvoeren van toxische stoffen. Dit is het rust- en herstelniveau.

Flow

Wanneer het lichter wordt en er meer geluid om ons heen is gaat ons lichaam meer stress produceren en worden we wakker. Je hebt dan voldoende energie om te doen wat je die dag te doen hebt, staat open voor nieuwe informatie en samenwerken en voelt je over het algemeen goed opgewassen tegen de uitdagingen die het leven je geeft. Wanneer je in flow bent, heb je het gevoel dat je leeft i.p.v. te overleven.

Maar wanneer je met een uitdaging te maken hebt die je niet aankan, bijvoorbeeld een grote hond die dreigend naar je blaft, heeft jouw zenuwstelsel vier overlevingsstrategieën:  

Hulp zoeken

De eerste overlevingsstrategie die ons zenuwstelsel idealiter gebruikt is hulp zoeken, ook wel ‘social engagement’ genoemd. Wanneer we geboren worden, zijn we als baby, in tegenstelling tot veel andere dieren, voor onze overleving nog lang totaal afhankelijk van onze moeder. Hierdoor is het actief om hulp kunnen krijsen en later in beweging komen en kunnen zoeken naar hulp bij een ander zo ontzettend belangrijk. Communiceren in geluid, bewegingen en gebaren zijn een essentieel deel van deze overlevingsstrategie.

Ook zijn we duizenden jaren als groepen, stammen, afhankelijk van elkaar geweest om te kunnen overleven. Verstoting uit de stam stond daarbij gelijk aan de doodstraf. Het in verbinding blijven met de ander en veiligheid zoeken bij de ander in reactie op gevaar is ook vanuit deze invalshoek de eerste, belangrijke overlevingsstrategie vanuit ons zenuwstelsel.

Wanneer de ander in flow is en daardoor in staat is ons te helpen, en in ieder geval al liefdevol naar ons te luisteren, te kijken of aan te raken, maakt ons lichaam oxytocine aan, het verbindings- en liefdeshormoon, en voelen we ons verbonden en veiliger. In geval van de blaffende hond worden we bijvoorbeeld opgepakt en rustig toegesproken. Dit helpt weer terug te schakelen naar flow en wordt ook wel coregulatie genoemd.

Als we dit maar vaak genoeg in onze eerste levensjaren ervaren en ons zenuwstelsel getraind wordt in het activeren van hulp zoeken leren we hoe we onszelf én de ander kunnen helpen, zijn we stressbestendig en hebben we het vertrouwen ontwikkeld in onszelf én in de ander om uitdagingen aan te kunnen. Dit is tevens de basis voor een goed ontwikkeld inlevingsvermogen en een gezond gevoel van eigenwaarde. Ik ben het waard om gehoord, gezien en beluisterd te worden!

Vechten

Maar wanneer er niemand aanwezig is die ons kan helpen OF als de ander niet in flow zat, hebben we geleerd dat we het alleen moeten oplossen en geen hulp kunnen vragen. Ons zenuwstelsel schakelt dan over op de tweede overlevingsstrategie en we gaan vechten. Dit hoeft zich niet fysiek te laten zien met slaan, schreeuwen of schoppen. Maar kan zich ook uiten in gefrustreerd of geïrriteerd zijn onze tanden op elkaar zetten en doorbijten, het gevoel hebben je continue te moeten verdedigen en extra hard gaan werken. Aangezien we beter niet tegen een blaffende en dreigende hond kunnen gaan vechten als klein kind, schakelt ons zenuwstelsel over op de volgende overlevingsstrategie.

Vluchten

Wanneer we de uitdaging niet kunnen bevechten OF geleerd hebben dat we niet boos, geïrriteerd of gefrustreerd mogen worden, schakelt ons zenuwstelsel over op derde overlevingsstrategie vluchten. We worden dan onrustig, willen weg uit de situatie, ervaren de wereld als onveilig, voelen aandrang om weg te lopen of rennen en voelen ons angstig. Vaak uit zich dat bijvoorbeeld in maar blijven piekeren, onrustige benen, moeilijk de aandacht ergens bij kunnen houden en confrontaties uit de weg gaan. Wanneer de uitdaging heel groot is, kan het zich ook uiten in paniek, een gevoel van machteloos en uiteindelijk doodsangst.

In het geval van de dreigende hond, wanneer we nog niet kunnen kruipen, of we kunnen niet wegkomen bij de hond, schakelt ons systeem op de laatste overlevingsstrategie over.

Bevriezen

Wanneer we echter geen hulp ontvangen, de uitdaging niet kunnen bevechten en ook niet weg kunnen rennen voor deze uitdaging, blijft er maar één overlevingsstrategie over voor ons zenuwstelsel en dat is dat ons gevoel bevriezen. We vallen als het ware stil, en verliezen daarmee het contact met ons lichaam en met de ander. Onze gevoelens worden vlak en het is alsof we niet meer ‘echt leven’ en zijn intens eenzaam. Wanneer dit langer duurt dan maximaal enkele uren.

Kleine pasgeboren dieren in het wild kunnen dit ook heel goed, ze houden zich bij gevaar muisstil en maken zich zo onzichtbaar mogelijk. Hopelijk dat dan misschien alsnog hulp komt of het gevaar vanzelf verdwijnt. In het geval van de blaffende hond is dit ook wat er gebeurd wanneer een klein kind alleen is en niet kan vechten of vluchten. Het houdt zich muisstil en krult zich indien mogelijk op tot het gevaar geweken is.

Idealiter doorsta je de uitdaging goed – ongeacht de soort uitdaging –  en kan je zenuwstelsel weer terugschakelen naar flow en rust en herstel zodra het weer ‘veilig’ is. Als we te maken hebben met chronische stress, wordt deze uitdaging groter, hetzij op ons werk, hetzij privé. We kunnen als het ware vast komen te zitten in ‘overleven’ waardoor er allerlei fysieke en/of psychische gezondheidsklachten kunnen ontstaan, zoals bijvoorbeeld ziektes door het langdurig verlaagd immuunsysteem, pijnklachten door de aanhoudende spanning in het lichaam, depressies, psychoses, burn out etc..

Wanneer je zenuwstelsel voor een langere tijd – meer dan enkele uren of uiterlijk een paar dagen – overschakelt op bevriezen, voel je je ‘doods’ en ‘verlaten en eenzaam’. Deze gevoelens activeren je doodsgenen die het stervingsproces op DNA niveau in gang zetten (aldus immunoloog Pierre Capel in dit interview en zijn boek Het Emotionele DNA). Hierdoor veranderen 200 basale levensfuncties, wat tot gevolg heeft dat je chronische gezondheidsklachten ontwikkelt zoals bijvoorbeeld een depressie, slaapklachten, een verminderd denk- en leervermogen, etc.. Het is net zo slecht als het roken van 15 sigaretten per dag.

Nu ik je dit zo heb uitgelegd, kan je de verschillende overlevingsstrategieën in jouw leven en in anderen om je heen herkennen? En kan je waarnemen waar jouw lichaam nu zit op de stressmeter?

Overleven in coronatijd

Nu je weet hoe het zenuwstelsel in relatie tot stress werkt, wil ik je graag uitleggen wat maakt dat de coronamaatregelen bij uitstek zo stressvol zijn voor zenuwstelsel.

Allereerst is het corona virus, COVID-19, de ultieme vijand

Waarom?

Omdat het – zoals het virus in eerste instantie is gecommuniceerd – een heel besmettelijk en dodelijk, maar bovendien een NIEUW virus betreft waar ze nog niet zoveel over weten (zie hier voor de actuele stand van zaken m.b.t. de reële risico’s).

Ook werd je niet verteld hoe je zelf je immuunsysteem kunt versterken (lees meer) en werd het tot nu toe enige effectief bewezen Zelenko protocol verboden in Nederland (lees meer). Met andere woorden, er is een heel groot gevaar, ook nog eens aangewakkerd door de constante stroom aan sterfgevallen en angstaanjagende verhalen in de media, en je kan niemand om hulp vragen, want niemand weet iets.

Bovendien mocht je niet om hulp vragen, want je moest jezelf isoleren, omdat je mogelijk iemand anders zou kunnen besmetten. Daarbij moest je natuurlijk ook de 1,5 meter afstand houden van anderen buiten je eigen huishouden om. De huidige 1,5 meter regel is een sociale isolatie techniek die zo’n 70 jaar geleden door de CIA ontwikkeld is gericht op het mentaal breken van staatsvijanden (bekijk deze video) en is net zo effectief als fysieke marteling. Het staat sindsdien bekend als een oorlogsmisdaad. Misschien dat je dat inmiddels wel begrijpt nu je weet dat het hulp zoeken onze eerste overlevingsstrategie hoort te zijn.

En het mondkapje waarbij een groot deel van de non-verbale communicatie verdwijnt, werpt ook een sociale blokkade op in het hulp zoeken of geven bij een ander (bron). Door deze maatregelen kan je moeilijker veiligheid vinden bij een ander en moet je zenuwstelsel dus wel meer stress gaan produceren om dan maar te gaan vechten.

Doordat dit virus ook nog onzichtbaar is, een onzichtbare vijand is een ultieme vijand, kan je brein het gevaar niet lokaliseren. Het virus kan al in jou zelf zitten, in je buurvrouw, in je hond, op het winkelkarretje, in de lucht. Het is héél gevaarlijk en kan overal en nergens zitten! Hierdoor kan je dus niet vechten tegen het virus, maar je kan ook niet vluchten van het onzichtbare virus, waardoor er dus maar één optie overblijft en dat is bevriezen.

Gelukkig kun je hier zelf een aantal dingen aan doen.

Zes tips voor minder stress

Hieronder een paar tips die je kunnen helpen om minder stress te ervaren:

  1. Check bij alles wat je tegenkomt in je omgeving, vooral informatie die je aangereikt krijgt vanuit de sociale media hoe je lichaam erop reageert. Helpt het je terug te brengen naar flow of daar te houden? Of merk je dat je meer stress gaat ervaren en terecht komt in vechten, vluchten of bevriezen?
  2. Verminder de prikkels na het avondeten. Vermijd blauw licht op je scherm, want die stimuleren stress, wat prima is in de ochtend, maar verstorend in de avond. Houd de avond voornamelijk voor ontspanning, rust en herstel en je zal zien dat je daardoor beter slaapt en uitgerust bent.
  3. Probeer waar mogelijk de situaties en input die je extra stress geven te vermijden.
  4. Bij situaties die je niet kan vermijden en je merkt dat je gaat ‘overleven’, stel jezelf dan voor als klein kind die deze stress ervaart. Hoe zou je dit kind in jou kunnen ondersteunen op een manier die laagdrempelig is en je als veilig ervaart binnen deze situatie? Als je dit doet, daag je je hersenen uit om weer actief te worden en ‘online te komen’, zodat je meer controle gaat ervaren en daardoor minder stress.
  5. Het kan zijn dat er oude pijn/stress van vroeger omhoog komt, een gevoel van onveiligheid dat je nog bij je draagt, kan worden getriggerd. Weet dat dat heel normaal is en dat als je er erkenning aan geeft al de eerste stap is naar herstel. Als je merkt dat je erin vastloopt, deel je zorgen met je omgeving. Zoek hulp waar je kan en lotgenoten waar mogelijk. Samen delen, helpt je verbinding te ervaren en heeft tevens een stressreducerende werking.
  6. Fysiek actief blijven, het liefst in de natuur, juist wanneer je veel stress ervaart, kan letterlijk een uitlaatklep zijn om de energie die zich heeft opgebouwd in je lichaam ruimte te kunnen geven. Mediteren is fantastisch, maar wanneer je veel stress in je lichaam hebt, wil je lichaam bewegen om de energie te kunnen uiten. Geef je lichaam dus de ruimte om dat te kunnen doen en doe het vooral op een manier die prettig voor je voelt. Ga dus niet hardlopen als je lichaam dat als onprettig ervaart, maar ga dan liever bijvoorbeeld stevig wandelen of zwemmen. Wat neem je mee uit dit artikel waar je mee aan de slag gaat?

Ik hoor het graag en wens je alle goeds voor nu.

Warme groet,

Hester

  • Wil je meer weten? Zie mijn Profiel.